top of page

Met de caravan naar Turkije en Georgië | Deel 4 | Door onbekend Oost Turkije, Cappadocië en langs de Middellandse Zee

6 dagen geleden
32 minuten om te lezen

Bijgewerkt op: 5 dagen geleden

Lees eerst het verslag van deze reis in deel 1 , deel 2 en deel 3


Terug in Turkije, maar een heel ander Turkije

Soms voelt een grens alsof je een nieuw land binnenrijdt. Soms voelt een grens alsof je opnieuw thuiskomt.

Uitzicht op Mardin met beige huizen, minaretten en terrassen onder een heldere blauwe lucht.
Uitzicht op Mardin

Dat laatste hadden wij toen we na ruim een maand Georgië weer richting Turkije reden. Niet omdat Turkije inmiddels vertrouwd voelde, maar omdat we inmiddels begrepen hoe het land werkte. We wisten hoe de tankstations eruitzagen, hoe vriendelijk de mensen waren, dat je overal een glas thee aangeboden kon krijgen en dat de oproep tot het gebed bij de dag hoorde.


Toch hadden we geen idee dat het Turkije dat nu voor ons lag, totaal anders zou zijn dan het Turkije dat we een maand eerder hadden verlaten. De groene theevelden aan de Zwarte Zee maakten plaats voor uitgestrekte hoogvlaktes. De vochtige zeelucht veranderde in droge berglucht. En de drukke kustweg werd ingeruild voor wegen die ons steeds dichter bij Armenië, Iran en Syrië zouden brengen.


Dit zou niet alleen een reis door Turkije worden, het werd een reis door verschillende werelden.

grensovergang van Georgië naar Turkije met Caravan2live
De grensovergang terug naar Turkije

Opnieuw de grens over

Na onze laatste overnachting in Georgië vertrekken we richting de grens bij Akhalkalaki. We weten inmiddels een beetje wat ons te wachten staat. Of dat denken we tenminste.


Er zijn drie grensovergangen tussen Georgië en Turkije. Wij kiezen opnieuw voor de meest oostelijke. Niet de drukste, maar wel degene die ons direct het oosten van Turkije in brengt. Dat scheelt honderden kilometers omrijden.


De weg naar de grens is meteen een avontuur. We hadden vooraf gelezen dat het asfalt slecht zou zijn. Achteraf bleek dat nog een optimistische omschrijving. Het leek soms alsof de weg volledig vergeten was. Grote gaten wisselden elkaar af. Geen gewone kuilen, maar gaten waar je met een caravan echt niet zomaar doorheen rijdt. Het werd bijna een spelletje tussen ons.

"Links."

"Nee, toch maar rechts."

"Pas op... daar zit er nog één."


Gelukkig was het droog. Daardoor zagen we de gaten op tijd en konden we er rustig omheen manoeuvreren. Was het nat geweest, dan was dit een heel ander verhaal geworden. Na alle wegen die we inmiddels in Georgië hadden gereden, raakten we er eigenlijk niet eens meer van in paniek. Je past je vanzelf aan. Rustiger rijden. Verder vooruit kijken en accepteren dat je vandaag gewoon wat langer onderweg bent.


De grens van Georgië naar Turkije

Aan de Georgische kant staan we verrassend snel buiten. Nog een laatste stempel in het paspoort en we nemen afscheid van een land dat ons enorm heeft verrast. Daarna volgt de Turkse grens. In eerste instantie lijkt alles vlot te verlopen, totdat de computer besluit daar anders over te denken. Onze caravankenteken kan niet gecontroleerd worden omdat het systeem steeds vastloopt. Ondertussen wordt onze caravan uitgebreid nagekeken. Niet omdat er iets mis is, maar vooral om de wachttijd op te vullen.


Tijdens die controle gebeurt iets wat we niet snel zullen vergeten. Een vrouwelijke douanebeambte doet enthousiast haar werk, maar sluit per ongeluk de autodeur terwijl haar eigen vingers er nog tussen zitten. Wij schrikken misschien wel harder dan haarzelf. Gelukkig lijkt de schade mee te vallen. We hebben nog een icepack in de auto liggen en geven die aan haar. Even later kan ze gelukkig alweer lachen.


Na ongeveer een uur wachten werkt de computer eindelijk weer. Of ze doen alsof, we kunnen in ieder geval weer doorrijden. Nog één laatste controle van de papieren en de slagboom gaat omhoog. We zijn weer terug in Turkije.


Een eenvoudige plek aan het meer

Nog dezelfde middag rijden we naar Arpaçay. Volgens Park4Night zou hier een eenvoudige boerencamping bij een restaurant liggen. Dat blijkt aardig te kloppen.

Het is vooral een grote parkeerplaats aan een prachtig meer. De voorzieningen zijn aanwezig, maar nodigen niet echt uit om uitgebreid gebruik van te maken. Gelukkig hadden we daar vooraf al rekening mee gehouden.


Wat meteen opvalt is de rust. Na de drukte van de grens zitten we ineens weer midden in de natuur. Bovendien gaat die nacht de klok ook nog eens een uur terug. Een extra uurtje slaap komt eigenlijk best goed uit. We drinken nog een kop koffie en thee terwijl de zon langzaam achter het meer verdwijnt. Morgen wacht een plek waar we al maanden naar uitkijken.

De berg Ararat in Turkije genomen door Caravan2live
De imposante blik op Ararat

De eerste blik op de Ararat

De volgende ochtend vertrekken we vroeg. Het landschap verandert langzaam in een uitgestrekte steppe. Kale heuvels, brede valleien en lange wegen waar je soms minutenlang niemand tegenkomt.


Dan gebeurt het. We rijden een heuvel over en in de verte verschijnt ineens een enorme witte berg. De Ararat.


Zelfs op tientallen kilometers afstand domineert hij het landschap. Met zijn 5.137 meter steekt hij overal bovenuit. De besneeuwde top lijkt bijna los te staan van de rest van de wereld.

We zeggen allebei even niets, soms is een uitzicht te mooi om te bevatten. Hoewel de berg tegenwoordig volledig in Turkije ligt, blijft hij voor Armeniërs een belangrijk nationaal symbool. Vanaf veel plekken in Armenië is hij zelfs beter zichtbaar dan vanuit Turkije. Wij blijven hem de hele dag zien, alsof hij met ons meereist.


Een andere wereld

Hoe verder we richting Doğubayazıt rijden, hoe vaker we politie en militaire controleposten tegenkomen. Dat is niet zo vreemd. Armenië ligt op een steenworp afstand. Even verderop begint Iran en we bevinden ons in het Koerdische deel van Turkije. Toch voelen de controles nergens bedreigend. Soms moeten we onze paspoorten laten zien en soms hoeven alleen de ramen even open. Regelmatig krijgen we niet meer dan een glimlach en een handgebaar dat we door mogen rijden.


Het hoort blijkbaar gewoon bij deze regio. Ondertussen genieten wij vooral van het landschap. Het voelt ruiger, groter, leger en misschien juist daarom ook indrukwekkender.


Voor veel reizigers houdt Turkije op bij Cappadocië of de Middellandse Zee. Wij krijgen steeds sterker het gevoel dat het avontuur juist hier begint.

Uitzicht vanaf de caravan naar de berg Ararat. Caravan2live
Uitzicht op Ararat vanaf de camping

Aan de voet van de Ararat

Er zijn van die plekken waar je al jaren foto's van ziet en je afvraagt hoe het zou zijn om er ooit zelf te staan. Voor ons was de Ararat zo'n plek.


De berg spreekt tot de verbeelding. Niet alleen omdat hij met zijn 5.137 meter de hoogste berg van Turkije is, maar ook vanwege het verhaal dat bijna iedereen kent. Volgens de Bijbel strandde hier de ark van Noach na de zondvloed. Of dat werkelijk zo is, daar zijn wetenschappers het nog altijd niet over eens. Maar dat de Ararat een bijzondere berg is, voel je zodra hij aan de horizon verschijnt.

Hoe dichter we bij Doğubayazıt komen, hoe groter hij lijkt te worden. Hij blijft steeds in beeld.Soms lijkt hij kilometers verder weg, even later lijkt het alsof hij recht naast de weg staat. Dat maakt deze route misschien wel een van de mooiste die we tot dan toe gereden hebben.


Slapen met uitzicht op de Ararat

Aan het einde van de middag rijden we Doğubayazıt binnen. Een levendige stad waar vrachtwagens, ezelskarren, taxi's en wandelaars moeiteloos door elkaar bewegen. Het voelt druk, maar nergens chaotisch. Iedereen lijkt precies te weten hoe het verkeer hier werkt. Onze bestemming is Ark Hostel & Camping.


Een kleine camping aan de rand van de stad, gerund door een ontzettend gastvrije eigenaar. De camping is niet groot. Er is plek voor een paar campers en caravancombinaties, goede douches, een wasmachine en vooral... een uitzicht waar je stil van wordt. Vanaf onze plek kijken we recht uit op de Ararat.

De zon zakt langzaam achter de stad weg terwijl de top van de berg nog wordt verlicht door de laatste zonnestralen. We zetten de stoelen buiten, schenken een kop koffie in en kijken eigenlijk alleen maar. Soms hoef je helemaal niets te doen. Alleen maar kijken en genieten.


Na een frisse nacht schuiven we de gordijnen open. Het heeft geregend. Of beter gezegd: beneden heeft het geregend. Boven op de Ararat is die regen veranderd in sneeuw. De top is nog witter geworden dan gisteren. De campingeigenaar glimlacht wanneer hij onze verbaasde gezichten ziet.

"Early this year," zegt hij. Volgens hem is de eerste sneeuw vroeger gevallen dan normaal. Voor ons maakt het het uitzicht alleen maar indrukwekkender.

Het paleis van Pasha
Paleis van Pasha

Een paleis op een onmogelijke plek

Op nog geen vijf kilometer van de camping ligt een van de mooiste historische gebouwen van Turkije. Het Ishak Pasha Paleis. Alleen de ligging is al bijzonder. Hoog tegen een bergwand gebouwd, uitkijkend over Doğubayazıt, de omliggende valleien en de besneeuwde Ararat.


De rit ernaartoe is minstens zo mooi als het paleis zelf. De heuvels kleuren rood, geel en oker. Alsof iemand met een schilderskwast verschillende lagen over het landschap heeft aangebracht. We parkeren de auto en lopen langzaam naar boven.


Het paleis blijkt veel groter dan we hadden verwacht. De bouw begon al in 1685 en bijna honderd jaar later werd het voltooid. Het is een bijzondere mix van Ottomaanse, Perzische en Armeense invloeden. Binnen loop je van binnenplaats naar binnenplaats, langs rijk versierde poorten, oude woonvertrekken, een moskee en kamers waar ooit gasten werden ontvangen.

Veel meubels zijn er niet meer. Juist daardoor heb je soms wat fantasie nodig om je voor te stellen hoe hier honderden jaren geleden werd geleefd. Toch is dat helemaal niet erg. Het zijn juist de stenen, de bogen en de uitgesleten trappen die het verhaal vertellen. Maar misschien nog mooier dan het paleis zelf is het uitzicht.


Vanaf het terras kijken we uit over de stad, de omliggende heuvels en de oude vesting die nog hoger tegen de berg ligt. Het is een uitzicht waar je niet op uitgekeken raakt.


"Welcome to Kurdistan"

Op de parkeerplaats raken we in gesprek met een vriendelijke man. Hij vraagt waar we vandaan komen. "Nederland."

Hij glimlacht. Daarna stelt hij een vraag die we niet hadden verwacht.

"How do you like Kurdistan?"

Niet Turkije. Maar Koerdistan.

Hij vertelt trots dat dit het Koerdische deel van Turkije is. Zelfs de taal verandert hier. Waar je in de rest van Turkije wordt begroet met "Günaydın", klinkt hier steeds vaker "Beyanî bas".


Dat maakt indruk. Niet omdat het spannend voelt, maar juist omdat je merkt hoeveel trots mensen hebben op hun eigen cultuur. Het zijn precies dit soort ontmoetingen die een reis bijzonder maken.

Je leert een land pas echt kennen wanneer mensen hun verhaal met je willen delen.

Ark van Noah
Zicht op de ark van Noah

Op zoek naar de ark van Noach

Daarna staat er opnieuw een bijzondere route op het programma.

We willen naar de plek waar volgens sommige onderzoekers de resten van de ark van Noach zouden kunnen liggen. Tenminste… Dat denken we.


Want Google Maps heeft een ander plan. In plaats van ons over de gewone asfaltweg te sturen, kiest de navigatie voor een onverharde bergroute.

Rudolf kijkt even naar het scherm. "Zullen we?"

Lianne hoeft niet lang na te denken. "Gewoon doen."

Achteraf blijkt dat misschien wel de beste beslissing van de hele dag. We rijden urenlang door een landschap waar bijna niemand lijkt te komen. Kleine bergdorpjes. Herders met schapen. Kale heuvels die iedere paar kilometer van kleur veranderen. De ene helling is rood, de volgende geel, daarna grijs, wit of bijna paars.


Op de achtergrond blijven de Grote en Kleine Ararat voortdurend zichtbaar en ergens achter de volgende bergkam ligt Iran. Het voelt alsof we aan de rand van Europa rijden.


De baas van de kudde

Plotseling verschijnt er beweging naast de auto. Een enorme Kangal komt blaffend op ons afgerend.

Niet speels. Niet nieuwsgierig. Maar doelgericht. Hij verdedigt zijn kudde.

We weten gelukkig wat voor honden dit zijn. Kangals behoren tot de grootste herdershonden ter wereld en zijn speciaal gefokt om schapen te beschermen tegen wolven en beren. Hun taak is niet om vriendelijk te zijn tegen voorbijgangers.

Heel even stijgt de spanning. Gelukkig blijft de hond naast de auto lopen en keert uiteindelijk terug naar zijn schapen. Wij halen opgelucht adem. Het hoort bij dit landschap, maar we zijn blij dat we veilig verder kunnen.


De ark van Noach

Even later bereiken we de plek waarvoor we zijn gekomen. Midden in het landschap ligt een opvallende, langgerekte formatie die volgens sommigen de contouren van een groot schip heeft.

Volgens de Bijbel strandde de ark van Noach ergens bij de Ararat. Wetenschappelijk bewijs ontbreekt nog altijd. Al verschenen er in 2025 wel nieuwe onderzoeken waarbij bodemmonsters een afwijkende samenstelling lieten zien ten opzichte van de omgeving. Sommige onderzoekers denken dat dit mogelijk op oude menselijke activiteit wijst. Anderen zien het simpelweg als een bijzondere geologische formatie.


Wie heeft er gelijk? We weten het niet. Misschien komen we er ook nooit achter. Maar eerlijk gezegd vinden we dat helemaal niet zo belangrijk. Want los van het verhaal is dit simpelweg een prachtige plek en een uitzicht dat je niet snel vergeet.


Tot aan de grens met Iran

Voordat we terugrijden naar de camping maken we nog een klein uitstapje.

Niet naar Iran. Maar wel zo dicht mogelijk bij de grens. De militaire aanwezigheid is hier duidelijk zichtbaar. Controleposten, voertuigen, hekken, camera’s.

We besluiten niet verder te rijden dan nodig is. Dat voelt beter.

Terug richting Doğubayazıt worden we opnieuw gecontroleerd. Paspoorten hoeven deze keer niet eens uit de tas. Een vriendelijke glimlach en we mogen weer verder. Aan het einde van de middag zitten we opnieuw voor onze caravan. De zon zakt langzaam achter de Ararat.

We kijken elkaar aan. "Als de rest van Oost Turkije net zo mooi is..."

"...dan wordt dit een reis die we nooit meer vergeten."

En dat bleek nog maar het begin.


Langs het Vanmeer naar het hart van Koerdistan

Na een paar dagen aan de voet van de Ararat nemen we afscheid van Doğubayazıt. Zoals wel vaker tijdens deze reis vertrekken we met gemengde gevoelens. Aan de ene kant kijken we uit naar alles wat nog gaat komen. Aan de andere kant zouden we hier best nog wat langer kunnen blijven. De Ararat verveelt nooit. Iedere ochtend ziet hij er anders uit.


Toch lonkt de volgende bestemming, het Vanmeer. Vanaf Doğubayazıt rijden we eerst nog een tijd vlak langs de grens met Iran. De grens zelf zien we nauwelijks, maar de vele controleposten herinneren ons er voortdurend aan dat we ons in een bijzonder deel van Turkije bevinden.


Opnieuw worden we een paar keer gecontroleerd. Bij de eerste controle moeten de ramen open Bij de tweede willen ze onze paspoorten zien. Bij de derde krijgen we niet meer dan een vriendelijke zwaai.

Ondanks de recente ontspanning tussen de Turkse overheid en de Koerden blijft het leger hier nadrukkelijk aanwezig. In vrijwel iedere grotere plaats zien we kazernes of militaire voertuigen. Toch voelt het nergens onveilig, integendeel. Juist omdat er zoveel gecontroleerd wordt, voelen we ons eigenlijk heel veilig onderweg.


Ondertussen verandert het landschap opnieuw. De bergen maken langzaam plaats voor brede vlaktes. Af en toe rijden we door kleine dorpjes waar het leven zich grotendeels langs de hoofdweg afspeelt. Kinderen spelen buiten, mannen drinken thee voor kleine winkeltjes en vrouwen lopen met grote boodschappentassen naar huis. We rijden rustig verder, want haast hebben we inmiddels al lang niet meer.


Het grootste meer van Turkije

Aan het einde van de middag verschijnt ineens een enorme blauwe vlakte.

Het Vanmeer. Op de kaart lijkt het misschien op een gewoon meer, maar in werkelijkheid voelt het bijna als een binnenzee. Met een lengte van ongeveer 120 kilometer en een breedte van bijna 80 kilometer is het met afstand het grootste meer van Turkije. Pas als je langs de oever rijdt, besef je hoe enorm het eigenlijk is.


Onze camping ligt direct aan het water. Of camping…Eigenlijk is het vooral een grote picknickplaats waar ook een paar campers en caravans mogen staan. Prima voor één nacht, meer hebben we eigenlijk ook niet nodig.

De Van Kat in Turkije
De Van kat

De Van kat

Nog voordat we goed en wel zijn uitgestapt, komt de eigenaresse ons al tegemoet. Niet afstandelijk of zakelijk. Nee, ze steekt spontaan haar arm door die van Lianne en neemt haar mee over het terrein.

Alsof we elkaar al jaren kennen. Dat soort hartelijkheid blijft ons verbazen. Ze laat trots haar camping zien, wijst de mooiste plek aan het meer aan en stelt ons vervolgens voor aan een heel bijzondere bewoner. Een witte kat, met één blauw oog en één groen oog.

De beroemde Van kat. We hadden er weleens over gelezen, maar nog nooit eentje in het echt gezien. Volgens de eigenaresse brengt hij geluk. Of dat echt zo is weten we niet. Maar bijzonder is hij zeker.

Terwijl wij onze stoelen buiten zetten, loopt hij rustig een rondje over het terrein alsof hij precies weet dat alle aandacht vandaag voor hem is.


Een heel ander Turkije

Wanneer de zon langzaam ondergaat, kijken we uit over het meer. Het is stil. Alleen het zachte klotsen van het water en ergens in de verte het geroep van vogels.

We praten over de afgelopen dagen en vooral over hoe anders dit Turkije is dan we vooraf hadden verwacht. Voor veel mensen bestaat Turkije uit Istanbul, de kust en Cappadocië.

Maar juist dit oosten voelt authentiek. Rustig en ongerept. Misschien juist omdat hier nauwelijks buitenlandse toeristen komen. We beseffen steeds vaker dat dit waarschijnlijk het Turkije is dat we later het meest zullen onthouden. Niet de bekende highlights, maar de onverwachte ontmoetingen.

De gastvrijheid en de uitgestrekte landschappen waar je soms minutenlang niemand tegenkomt.


Mardin, de stad boven Mesopotamië

De volgende ochtend rijden we verder naar het zuidwesten. De temperatuur loopt langzaam weer op en de korte broek kan eindelijk weer aan.


Onderweg verandert het landschap opnieuw. Waar we eerder door kale berggebieden reden, verschijnen nu uitgestrekte katoenvelden. Tussen Batman en Diyarbakır lijkt het landschap bijna wit te kleuren. Overal rijden tractoren af en aan. Niet vanaf het land, maar richting de verwerkingsfabrieken. We leren dat Turkse katoen wereldwijd bekendstaat om zijn hoge kwaliteit.


Ondanks dat we steeds dichter bij Syrië komen, zijn opvallend genoeg veel controleposten verlaten.De terugkerende rijbaan wordt nog wel gecontroleerd. Onze kant mag zonder problemen doorrijden. Na een paar uur verschijnt Mardin aan de horizon. Tenminste...Dat denken we. Want eerst rijden we een moderne stad binnen met brede wegen, flats en druk verkeer. Pas wanneer we de camperplaats bereiken en uitstappen, zien we boven ons de oude stad liggen. Gebouwd tegen de helling van een voormalige vulkaan. Als een enorme honingkleurige trap die uitkijkt over de vlaktes van Mesopotamië. We kijken elkaar aan. "Daar moeten we morgen naartoe."

Uitzicht op Mardin in Turkije
Mardin

Een stad die je blijft verrassen

De volgende ochtend brengt de campingeigenaar ons met de auto omhoog. Een service die we dankbaar aannemen. Want wie ooit in Mardin is geweest, weet dat vrijwel alles hier omhoog of omlaag gaat. We beginnen bij de Zinciriye Medrese. Vanaf het terras kijken we uit over de oude stad en de eindeloze vlaktes van Mesopotamië. In de verte ligt Syrië. Onzichtbaar, maar toch heel dichtbij.

Terwijl we foto's maken, zien we meerdere bruidsparen verschijnen. De oude medrese blijkt een geliefde plek voor trouwfoto’s. Beneden naast onze camperplaats werd de afgelopen avonden trouwens ook al uitbundig gefeest. Bruiloften lijken hier net zo belangrijk als in het noorden van Turkije. Dat vinden we mooi.


Verdwalen mag hier

Vanaf de medrese lopen we langzaam de oude stad in. Of beter gezegd...We laten ons leiden. Want verdwalen is misschien wel de leukste manier om Mardin te ontdekken. Smalle straatjes. Steile trappen. Verborgen binnenplaatsen. Kleine winkeltjes. Overal duikt weer iets nieuws op. Op een terras besluiten we hetzelfde te bestellen als bijna iedereen om ons heen. Een traditioneel Turks ontbijt. Hoewel… Het is inmiddels ruim lunchtijd. Maar dat maakt blijkbaar niemand iets uit. Zo uitgebreid hebben we nog niet vaak ontbeten of geluncht. De tafel blijft zich vullen. Brood, kazen. olijven, jam, ei. groenten en natuurlijk heel veel thee.


Een broek en een glimlach

Later die middag struinen we door de bazaar. De geur van kruiden hangt tussen de oude stenen gebouwen. Goudwinkels wisselen zich af met kleine ateliers waar nog met de hand gewerkt wordt. Lianne ziet een mooie broek hangen. oor we het weten trekt de verkoper een enorme rol stof uit de kast, Rudolf mag het uiteinde vasthouden. Binnen een paar seconden ontstaat midden in de winkel een geïmproviseerde paskamer. Iedereen moet lachen, ook wij. De broek gaat natuurlijk mee. Het zijn precies dit soort kleine momenten die je later nog vaak vertelt.

Rudolf houdt een doek vast in bazar in Mardin Turkije.
De kleedruimte op de bazaar in Mardin

We lopen langzaam terug naar de camper. Onderweg horen we kinderen steeds hetzelfde Engelse woord roepen. “Money!” Dit kun je natuurlijk ook tegenkomen in dit gedeelte van Turkije.

Terug op de camperplaats kijken we nog één keer omhoog naar de oude stad. Morgen wacht opnieuw een bijzondere plek. Nog dichter bij de Syrische grens. Een plek waar de geschiedenis letterlijk onder de huizen verborgen ligt, Dara.



Dara, een stad onder de grond

Vanaf Mardin is het ongeveer een half uur rijden naar Dara. Zodra we de oude stad achter ons laten, verandert het landschap opnieuw. De honingkleurige huizen verdwijnen uit beeld en maken plaats voor een bijna eindeloze vlakte. Hier en daar staat een vierkant huis, maar vooral de maisvelden vallen op. Veel mais is nog niet geoogst. Maar we zien ook veel afval.


Sinds we vanuit Georgië weer Turkije binnenreden, valt het ons steeds vaker op. Plastic zakken, verpakkingen en ander afval liggen langs de wegen en op de akkers. Soms wordt het simpelweg meegeploegd met het land. Turkije heeft op dat vlak nog wel een flinke slag te maken.

Maar daarvoor zijn we vandaag niet onderweg, we willen naar Dara.


De oude stad ligt op slechts vijf kilometer van de Syrische grens en wordt regelmatig een verborgen parel genoemd. Toch blijkt al snel dat Dara onder Turkse bezoekers helemaal niet zo onbekend is.

Dara werd rond het jaar 500 gesticht en was door zijn ligging een belangrijke vestingstad. Eeuwenlang lag hier een strategische plek tussen verschillende rijken. De Romeinse invloeden zijn nog duidelijk zichtbaar. Soms doet het ons zelfs een beetje denken aan het Forum Romanum in Rome.

Na eeuwen van oorlogen en machtswisselingen verloor Dara uiteindelijk zijn betekenis. In de dertiende eeuw werd een groot deel van de stad verwoest. Het bijzondere is dat het huidige dorp letterlijk bovenop de oude stad ligt. Onder huizen, straten en tuinen bevinden zich nog altijd resten van de oorspronkelijke nederzetting.

Uitzicht op Dara in Turkije
Dara

Water onder de woestijn

Water was een van de redenen waarom Dara hier kon bestaan. Onder het dorp liggen enorme waterreservoirs die ooit duizenden mensen van water konden voorzien. Wanneer we een van de ondergrondse waterkelders binnenlopen, begrijpen we pas hoe indrukwekkend het systeem geweest moet zijn.

Hoge stenen pilaren verdwijnen in het halfduister. Het geheel is sfeervol verlicht en voelt bijna als een ondergrondse kathedraal.


Verspreid door het dorp liggen nog meer resten van de oude stad. Grotwoningen, tombes, muren en waterwerken. Zelfs een oude molen bleef tot ongeveer 1980 in gebruik, totdat het water uiteindelijk verdween. De opgravingen liggen niet allemaal bij elkaar. Gelukkig hebben we de auto meegenomen en kunnen we gemakkelijk van plek naar plek rijden.


Op sommige plekken wandelen we bijna alleen. Op andere totaal niet. Het is zondag en het wemelt van de Turkse dagjesmensen. Bij verschillende opgravingen staan souvenirkraampjes en ijsverkopers die hun koopwaar luidkeels aanprijzen. Wij zijn hier duidelijk de buitenlandse toeristen tussen de Turkse toeristen. Soms levert dat vermakelijke momenten op. Voordringen, uitgebreid poseren en vooral heel veel selfies maken. Af en toe kijken we elkaar aan. Misschien waren het toch Chinezen vermomd als Turken?


Vijf kilometer van Syrië

Na ons bezoek rijden we niet rechtstreeks terug naar Mardin. We volgen een weg die vlak langs de Syrische grens loopt. Daar wordt ineens duidelijk hoe dichtbij Syrië werkelijk is. Een enorme betonnen muur loopt door het landschap. Daarboven prikkeldraad. Wachttorens staan op regelmatige afstand van elkaar. Het is een grens zoals we die in West Europa nauwelijks kennen.

We kijken ernaar vanuit onze comfortabele auto en beseffen tegelijkertijd dat deze muur voor veel mensen een heel andere betekenis heeft. Voor ons is het een bijzondere route. Voor anderen is het een onneembare grens.


Terug op de camping blijkt het terrein inmiddels behoorlijk veranderd. Grote campers en omgebouwde trucks staan naast elkaar opgesteld. Het is een georganiseerde groep uit Duitsland en Zwitserland. Ze reizen met Abenteuer Touren richting Irak en Saoedi Arabië. Iran stond oorspronkelijk ook op de route, maar dat plan is aangepast. De deelnemers hoeven geen terreinwagen te hebben, maar moeten wel volledig zelfvoorzienend kunnen reizen.

We lopen tussen de voertuigen door en bekijken de enorme trucks, campers en bijzondere ombouwen. Mooi om te zien hoe verschillend mensen hun vrijheid op wielen vormgeven. Onze caravancombinatie oogt ineens bijna bescheiden.


Richting Şanlıurfa

De volgende ochtend maken wij onze eigen combinatie weer klaar voor vertrek. We rijden bijna tweehonderd kilometer westwaarts. De weg is grotendeels vierbaans, al zegt dat in Turkije niet automatisch iets over de kwaliteit van het asfalt. Inmiddels zijn we wel wat gewend. Het landschap verandert onderweg opnieuw volledig. De maisvelden verdwijnen. Daarna groeit er lange tijd bijna niets meer. Zand, rotsen, bruine heuvels. Een soort maanlandschap, tenminste zoals wij ons dat voorstellen.


Pas wanneer we dichter bij Şanlıurfa komen, verschijnen opnieuw landbouwvelden. De witte katoenbollen liggen soms zelfs langs de weg. Onze overnachtingsplek ligt buiten de stad, vlak bij Göbekli Tepe. Een archeologische vindplaats die wordt beschouwd als een van de oudste bekende monumentale tempelcomplexen ter wereld. We twijfelen even of we erheen zullen gaan.

Niet omdat het niet bijzonder is. Maar na weken vol kerken, kloosters, paleizen, ruïnes, grotwoningen en archeologische vindplaatsen begint er iets van historische verzadiging op te treden.Je kunt blijkbaar ook te veel oudheid zien, dus kiezen we deze keer voor de stad.

De vijvers met de heilige vissen in Sanliurfa Turkije
De vijvers met de heilige vissen in Sanliurfa

De stad van Abraham

Şanlıurfa heette in de oudheid Edessa en stond tot 1984 officieel bekend als Urfa. De stad speelt een belangrijke rol binnen verschillende religieuze tradities.vVolgens lokale overleveringen werd Abraham hier geboren of woonde hij hier een belangrijk deel van zijn leven.vJodendom, christendom en islam kennen allemaal verhalen rond Abraham.vDat religieuze karakter voel je direct wanneer we het oude centrum binnenlopen.


We hadden vooraf gelezen over een reiziger die met een korte broek behoorlijk wat bekijks had gekregen. Daarom kiezen wij vandaag maar voor een lange broek.vDat blijkt geen verkeerde keuze.We zien vrijwel niemand in korte broek en opvallend veel vrouwen dragen een hoofddoek. Meer dan we tot nu toe in Noord en Oost Turkije zagen. Ook zien we regelmatig mannen met een Palestijnse sjaal. Opnieuw merken we hoe groot de regionale verschillen binnen Turkije zijn.


De heilige vissen

Midden in het historische centrum ligt Balıklıgöl, de vijver met de heilige karpers. Volgens de legende vernietigde Abraham de afgodsbeelden van koning Nimrod. Als straf werd hij vanaf een berg in een enorm vuur geworpen. Maar God veranderde het vuur in water en het brandende hout in vissen. De nakomelingen van die vissen zouden vandaag nog steeds in de vijvers zwemmen. Of het verhaal historisch klopt laten we in het midden. De karpers zelf hebben in ieder geval weinig te klagen. Ze zien er opvallend gezond en rond uit. Bezoekers voeren de vissen omdat dit geluk zou brengen en volgens sommige verhalen zelfs bescherming tegen ziekten geeft. Voor de zekerheid doen wij natuurlijk mee, je weet maar nooit.


De grot van Abraham

Niet ver van de vijvers ligt de plek waar Abraham volgens de overlevering geboren zou zijn. Bij de ingang worden mannen en vrouwen van elkaar gescheiden. Schoenen ui en oor de vrouwen een hoofddoek op. Binnen bevindt zich achter glas een grot. Het is geen toeristische attractie waar iedereen luid pratend langsloopt. Hier wordt werkelijk gebeden. Vrouwen knielen op de grond. Sommigen zitten lange tijd stil. Anderen raken het glas aan.

Wij kijken rustig toe. Het zijn van die momenten waarop je merkt dat een plek voor de ene bezoeker een bezienswaardigheid is en voor de andere iets veel belangrijkers.


Verdwalen in de bazaar

Vanaf het religieuze centrum lopen we vrijwel rechtstreeks de Dergah bazaar in. Hier winkelt vooral de lokale bevolking. Thee, stoffen, specerijen, keukenspullen, kleding en opvallend veel goud. Tenminste, wij nemen aan dat het goud is. De bazaar bestaat uit een wirwar van kleine straatjes. Af en toe wurmt er gewoon een scooter tussendoor. We vinden het heerlijk.


Niet alles hoeft een bezienswaardigheid te zijn. Soms is rondlopen, kijken en jezelf verbazen genoeg. Midden in de bazaar ligt Gümrük Hanı, een historische karavanserai rond een grote binnenplaats. Tegenwoordig zitten er verschillende restaurantjes en theehuisjes.

Voor je het weet word je ergens aan een tafeltje gezet. Dus eerst even goed kijken waar je terechtkomt. Wij krijgen uiteindelijk Turkse cola, ook weer eens iets anders. Na het historische en religieuze deel van Şanlıurfa wacht nog een heel andere culturele ervaring.


De supermarkt, een 5M Migros. Migros supermarkten worden groter naarmate er meer M's voor staan. Bij vijf M'en verwachten wij dus ongeveer de hemel voor boodschappenliefhebbers. Dat valt een klein beetje tegen. Maar we vinden alles wat we nodig hebben, inclusief een broccoli. Na maanden reizen kan een broccoli blijkbaar ook een hoogtepunt van de dag worden.


Van het droge oosten naar Tarsus

De volgende dag wacht een lange rit. Ruim 430 kilometer richting Tarsus, net voorbij Adana. Voor ons doen is dat inmiddels een flinke afstand. Gelukkig kunnen we een groot deel over de snelweg rijden.

ot Gaziantep blijft het landschap droog en rotsachtig, daarna verschijnt langzaam meer groen. Alsof we ongemerkt een grens oversteken tussen twee verschillende Turkijes. Aan het einde van de middag rijden we Tarsus Karavan Park binnen, wat een verschil.

Camping in Tarsus Turkije
Camping in Tarus

Afgebakende plaatsen, goed sanitair, een wasmachine, een plek om af te wassen en geen afval. Sinds Doğubayazıt hebben we eigenlijk niet meer zo'n complete camping gehad. We zijn bijna ontroerd. Misty heeft ondertussen andere prioriteiten, ze maakt kennis met een kat. Alleen heeft deze kat duidelijk niet gelezen dat katten voor honden horen weg te rennen. Hij vecht terug. Misty houdt er een klein sneetje bij haar oog aan over, maar gelukkig valt de schade mee. De kat heeft in ieder geval duidelijk gemaakt wie hier woont.


Ineens Cappadocië

Vanaf Tarsus rijden we richting Nevşehir. Het eerste deel is eerlijk gezegd niet het spannendste stuk van onze reis. Snelweg, klimmen, daarna een enorme hoogvlakte, bruin, droog, zand en rotsen. Alleen de velden met kalebassen brengen af en toe wat kleur in het landschap. Tot we over de laatste heuvel rijden.

Dan verandert alles. Voor ons verschijnt een landschap dat bijna niet echt lijkt. Rotsformaties rijzen uit de grond. Kegels, pilaren en vreemde schoorstenen staan verspreid over valleien.


We zijn in Cappadocië. Miljoenen jaren geleden legden vulkaanuitbarstingen dikke lagen tufsteen en lava over het gebied. Wind, regen en erosie deden daarna miljoenen jaren hun werk. Het resultaat lijkt meer op een decor uit een sprookje dan op een landschap dat vanzelf ontstaan is. Vanaf onze camping kijken we er rechtstreeks op uit. Een panoramaplek, voor 35 euro per nacht mag dat ook wel. Maar morgenochtend hebben we vanaf hier eerste rang wanneer de luchtballonnen opstijgen.

Tenminste, dat denken we.

Uitzicht vanaf de camping in Capadocie Turkije
Uitzicht vanaf onze plek op de camping in Capadocië

Waar zijn de luchtballonnen?

De wekker staat vroeg. Heel vroeg. Om half zeven zitten we klaar. Geen ballon te zien. De wind is te sterk. De volgende ochtend opnieuw geen ballonnen. Daarna ontdekken we gelukkig een website waarop vooraf wordt aangegeven of de ballonnen mogen opstijgen. Dat scheelt weer dagelijks om half zeven uit bed gaan. Iets wat we door het leven onderweg duidelijk niet meer gewend zijn. Eén ding staat inmiddels vast, we vertrekken hier niet voordat we die ballonnen gezien hebben.

Lovevalley in Capadocie Turkije
Love Valley in Capadocië

Wandelen tussen de sprookjesschoorstenen

Ondertussen is er genoeg anders te ontdekken. Vlak bij de camping wandelen we met Misty richting Love Valley. De typische rotsformaties van Cappadocië worden vaak sprookjesschoorstenen genoemd. Andere namen zijn ook mogelijk, asperges bijvoorbeeld.

Sommige formaties hebben nog een donkere harde laag bovenop. Het zachtere gesteente eronder erodeert sneller, waardoor soms bijna onmogelijke vormen ontstaan. Misty interesseert het allemaal weinig. Die is vooral blij dat ze eindelijk weer eens los kan rennen. Na afloop verwachten we een lange middagslaap. Voor Misty dan, hoewel wij er ook niet vies van zijn.

Openlucht museum Zelve in Turkije
Zelve

Een dorp in drie valleien

Een paar dagen later bezoeken we het openluchtmuseum van Zelve. Het complex ligt verspreid over drie valleien en was eeuwenlang een echte nederzetting. Tot in de jaren vijftig woonden hier nog mensen. Uiteindelijk vond de Turkse overheid het door instortingsgevaar te onveilig en moesten de laatste bewoners vertrekken.

We lopen langs voormalige woningen, kerken, een moskee, gemeenschappelijke ruimtes en tunnels. Op sommige plekken doet het ons denken aan Vardzia in Georgië. Maar waar Vardzia als één enorme grottenstad tegen de bergwand ligt, voelt Zelve meer als een dorp dat door verschillende valleien is uitgesmeerd. We zijn vroeg, gelukkig want niet lang na ons arriveren komen de eerste touringcars binnen. De passagiers stappen keurig gekleed uit. Wij kijken naar de vele trappen die nog voor hen liggen. Ze weten nog niet hoe warm ze het straks krijgen.


De vallei van de priesters

Bij het ticket voor Zelve hoort ook toegang tot Paşabağları. Deze plek wordt ook wel de vallei van de priesters genoemd. Hier staan enkele van de bekendste sprookjesschoorstenen van Cappadocië. Champignons, asperges, paddenstoelen, iedereen ziet er waarschijnlijk iets anders in. Voordat we er zijn, moeten we eerst door een lange rij souvenirwinkels. Dat vinden we jammer. Maar zodra we tussen de enorme rotsformaties lopen, vergeten we dat alweer snel.

Sommige delen zijn afgesloten omdat het gesteente kwetsbaar is. Dat weerhoudt niet iedere bezoeker ervan om toch achter de bordjes langs te lopen. Blijkbaar geldt verboden toegang vooral voor anderen.

Een straatbeeld van Avanos in Turkije
Avanos

Pottenbakken in Avanos

Daarna rijden we naar Avanos, een plaats die al eeuwen bekendstaat om keramiek. Het oude en nieuwe Turkije staan hier letterlijk naast elkaar. Sommige winkels bevinden zich nog in oude grotwoningen. Een paar straten verder staat gewoon een McDonald’s. Niet helemaal waarvoor we naar Avanos kwamen, maar wel lekker.

We zoeken liever naar een kleine authentieke pottenbakker en komen uiteindelijk terecht bij Mora, een zaakje net buiten de hoofdstraat.

Daar raken we aan de praat met een broer en zus. Het ijs is snel gebroken wanneer blijkt dat zij begin november naar Amsterdam gaat. Haar broer laat Rudolf de oude draaischijf zien en daarna de moderne versie. Op een goede dag maakt hij hier ongeveer tweehonderd koffiebekers. Handwerk en productie gaan hier moeiteloos samen.

Avanos blijkt precies zo'n plaatsje waar oud, toeristisch en modern door elkaar lopen zonder dat het vreemd voelt. Overal hangen ondertussen Turkse vlaggen, morgen is het Dag van de Republiek. Op 29 oktober wordt herdacht dat Mustafa Kemal Atatürk in 1923 de Republiek Turkije uitriep.


Weg van de toeristen

De campingeigenaar geeft ons nog een tip, Soğanlı. Ongeveer vijftig kilometer ten zuiden van Göreme. We besluiten eerst zo ver mogelijk door te rijden en op de terugweg verschillende plekken te bezoeken. Google Maps kiest uiteraard niet de meest voor de hand liggende route. Dat blijkt deze keer een cadeau, we rijden door het echte Turkse binnenland. Op de velden worden kalebassen geoogst. Ze liggen in lange rijen op het land, worden geplet en daarna worden de pitten eruit gehaald. Overal liggen felgele velden tussen bruine heuvels.

Hoe verder we van Göreme verwijderd raken, hoe rustiger het wordt. Wanneer we Soğanlı bereiken, weten we vrijwel meteen waarom de campingeigenaar dit heeft aanbevolen. Geen touringcar, geen entreepoortjes, geen lange rijen souvenirkraampjes, alleen een enorme vallei met rotswoningen en oude kerken.

Soganli Turkije
Soganli

Onze verborgen parel van Cappadocië

Tussen de negende en dertiende eeuw leefden hier Byzantijnse monniken. Ooit waren er meer dan honderd kerken. Veel daarvan zijn verdwenen, ingestort of later gebruikt als opslagruimte, andere zijn nog gewoon toegankelijk. We wandelen, klimmen, bukken door lage doorgangen en in verschillende kerken zijn nog fresco's zichtbaar.

Sommige rotswoningen worden zelfs vandaag nog gebruikt. Dit is Cappadocië zonder opsmuk. Misschien juist daarom vinden we het zo mooi. Net wanneer je denkt dat je inmiddels genoeg bijzondere dingen hebt gezien, verschijnt er weer zo'n plek. We kijken elkaar regelmatig aan. Wat mooi dat we dit mogen doen en vooral dat we de tijd hebben om dit soort omwegen te maken.


Lunch in een appelboomgaard

Aan het begin van het dorp ligt een kleine appelboomgaard, daar lunchen we bij Yilmaz. Geen luxe restaurant, gewoon een tuin, bomen, tafels en eten. De kip die we krijgen is misschien wel de lekkerste die we tot nu toe in Turkije gegeten hebben. De wolken verdwijnen langzaam en de zon komt tevoorschijn. We blijven nog even zitten, dit soort middagen laten zich moeilijk plannen. Misschien zijn ze daarom zo leuk.


Dansen bij een klooster

Op de terugweg stoppen we bij het Keslik klooster. Wanneer we aankomen staat er een groep Turkse vrouwen bij een auto. Muziek hard, ze dansen en lachen. Zodra wij uitstappen, stoppen ze, dat vinden wij nergens voor nodig. Dus zeggen we dat ze vooral door moeten gaan, dat blijkt een fout. Of juist niet. Want meteen wordt duidelijk dat we dan zelf ook mee moeten doen. Vooruit, een minuutje en daarna mogen we het klooster in.


Keslik is veel minder toeristisch dan de bekende plekken rond Göreme. Grote bussen kunnen er nauwelijks komen. Binnen dwalen we opnieuw door kerken, kamers en voormalige woonruimtes. Het klooster bleef tot ongeveer de zeventiende eeuw in gebruik. Na vandaag hebben we voorlopig wel genoeg grotwoningen gezien. Hoewel dat in Cappadocië een gevaarlijke uitspraak is. Ze zijn werkelijk overal. We stoppen onderweg nog even in Mustafapaşa en rijden via Ürgüp terug naar de camping. Na ruim vier uur onderweg vinden we het wel genoeg. Misty wacht tenslotte ook op ons.

luchtballonen boven capadocië  in Turkije
Luchtballonnen in Capadocië

Eindelijk luchtballonnen

De volgende ochtend gebeurt het. We hoeven eigenlijk niets te zeggen. Daar zijn ze, tientallen luchtballonnen stijgen vrijwel tegelijk boven het landschap uit. Van foto's kennen we het beeld al jaren, maar in werkelijkheid is het totaal anders. Overal om ons heen hangen ballonnen. Hoog, laag, ver weg en soms zo dichtbij dat het lijkt alsof we ze kunnen aanraken.

Blijde gezichten met de luchtballonnen in Capadocië
Blijde gezichten met de luchtballonnen in Capadocië

We blijven kijken, foto’s maken, weer kijken. De volgende ochtend gaan we gewoon opnieuw. Deze keer lopen we richting Love Valley. Dat blijkt misschien wel de mooiste plek om de ballonnen te bekijken. Sommige komen zo laag over dat we bijna in het mandje kunnen springen. Na de landing worden de manden vrijwel direct weer op een aanhanger gezet. Meevaren hoeft voor ons trouwens niet. De prijs is vandaag gezakt naar ongeveer honderd euro, terwijl een dag eerder nog bedragen rond vierhonderd euro werden genoemd. Maar wij vinden het vanaf de grond prachtig genoeg. Beide voeten blijven lekker waar ze horen.


Een oude rustplaats langs de Zijderoute

Na een laatste ochtend tussen de luchtballonnen maken we de caravan klaar. We rijden ongeveer 130 kilometer westwaarts naar Sultanhanı. Hier ligt een van de best bewaarde karavanserais van Turkije.


Sultan Han werd in de dertiende eeuw gebouwd langs belangrijke handelsroutes. Reizigers, handelaren en dieren konden hier veilig overnachten. Maar het was meer dan alleen een herberg. Mensen uit verschillende delen van Azië en Europa ontmoetten elkaar hier. Goederen wisselden van eigenaar. Verhalen en ideeën waarschijnlijk ook. Op de grote binnenplaats staat een kleine moskee. Daarachter ligt een enorme overdekte hal die vooral in de winter werd gebruikt. Wanneer wij er zijn, wordt daar een collectie oude tapijten tentoongesteld. Bijzonder om te bedenken hoeveel mensen hier honderden jaren geleden dezelfde poort zijn binnengereden. Alleen hadden zij geen Volvo en caravan achter zich.

De zoutvlakte in Tuz Golu
De zoutvlakte in Tuz Golu

Alleen op een zoutvlakte

Niet ver van Sultanhanı ligt Tuz Gölü, letterlijk vertaald: zoutmeer. Het meer is ongeveer tachtig kilometer lang en op sommige plekken vijftig kilometer breed. Toch zie je er vanaf de doorgaande weg vrijwel niets van. Je moet er echt naartoe rijden. In de zomer verdampt veel van het water en blijft een enorme zoutvlakte achter. Wanneer wij er komen is er nauwelijks water. Wel zout, heel veel zout. We lopen steeds verder de witte vlakte op. Geen auto’s, geen mensen, geen vogels, zelfs geen vlieg. Alleen wij en stilte. Een landschap dat bijna geen schaal meer heeft.


Je weet niet goed of iets honderd meter of kilometers verder ligt. De campingeigenaar vertelt ons later dat boeren in deze regio grondwater oppompen voor onder andere de suikerbietenteelt. Daardoor komt in delen van het meer minder water terug. In andere seizoenen zijn hier wel veel vogels en zelfs flamingo's te zien. Vandaag moeten we het doen met oneindig veel zout. We vinden dat eigenlijk helemaal niet erg.


Van twee naar vijfentwintig graden

Een dag later worden we wakker bij twee graden boven nul en een paar uur later zitten we in korte broek bij vijfentwintig graden.

We rijden ruim driehonderd kilometer naar Manavgat aan de Middellandse Zee. Het verschil met de hoogvlakte kan bijna niet groter zijn. Eerst rijden we nog door droog landbouwgebied met mais en suikerbieten. Na Beyşehir wordt het steeds groener en heuvels verschijnen. Daarna zien we aardbeienteelt en uiteindelijk de toeristische zuidkust.

Hotels, restaurants, winkelcentra en glimmende gevels. Na het ruige oosten van Turkije moeten we er bijna aan wennen. Onze camping ligt midden tussen die toeristische wereld. Gelukkig geldt vanaf november het wintertarief, twintig euro per nacht, inclusief een gratis wasmachine. Dan weet je wat er gebeurt, de eerste wassen draaien voordat we goed en wel geïnstalleerd zijn.

camping in Manavgat met caravan2live
Camping in Manavgat

Even helemaal niets

De komende dagen doen we iets waar we tijdens deze reis niet altijd even goed in zijn. Niets doen, geen ruïnes, geen oude stad, geen kloosters en zelfs de winkels met nepkleding laten we links liggen.

We maken de zithoek van de caravan uitgebreid schoon, draaien een flinke hoeveelheid was en spreken twee keer af met Joke en Erik van YouTube Donkeys. Zij reisden eerder dat jaar door Georgië en maakten daarna een reis door onder andere Roemenië, Moldavië, Oekraïne en de Baltische Staten. Het is gezellig om ervaringen uit te wisselen. Soms heb je tijdens een lange reis gewoon even een paar dagen nodig waarop er niets op het programma staat.


Langs de Middellandse Zee naar Kaş

Daarna trekken we verder westwaarts, de route richting Kaş is prachtig. Aan één kant de Middellandse Zee en aan de andere kant bergen. Maar ook enorme gebieden vol plastic kassen. Niet ieder uitzicht langs de Turkse kust is romantisch.

De camping bij Kaş maakt veel goed. We staan op verschillende terrassen met een fantastisch uitzicht. Goedkoop is het niet, zelfs in november betalen we ongeveer veertig euro per nacht. In de zomer ligt dat bedrag nog veel hoger, maar in Manavgat stonden we goedkoper. Dus hier mag het budget even iets omhoog.

Uitzicht op Kas vanaf de camping
Uitzicht op Kas vanaf de camping

Een ander Turkije aan zee

Vanaf de camping wandelen we in ongeveer tien minuten naar het centrum van Kaş. Het is groen, kleurrijk en rustig.Tenminste nu.

Aan het aantal restaurants en aanbieders van boottochten te zien moet het hier in de zomer een heel ander verhaal zijn. We lopen eerst langs een oud theater. Daarvan hebben we inmiddels zoveel gezien dat we besluiten niet meer ieder historisch bouwwerk uitgebreid te bekijken. Dat geldt inmiddels ook een beetje voor tombes en grotwoningen. We zijn verwend geraakt.


In het centrum zoeken we een plek om te lunchen. Opvallend genoeg wordt hier overal alcohol geschonken. Dat klinkt misschien als een klein detail, maar na maanden reizen door Noord en Oost Turkije valt het ons direct op. De sfeer is hier duidelijk liberaler en meer gericht op internationale toeristen.

Voor bootliefhebbers is Kaş waarschijnlijk een paradijs. Vanuit de haven vertrekken excursies naar baaien, lagunes en verzonken steden. Wij houden het vandaag bij wandelen en bellen even naar huis. Dat heeft lang geduurd, maar eindelijk hebben we een werkende telefooncel gevonden haha. Die kun je hier dus ook nog vinden.


De gastvrijheid is er nog

Honderd kilometer verderop ligt Fethiye. Het eerste deel van de route loopt opnieuw prachtig langs zee. Daarna volgen weer de bekende plastic kassen, onze eerste uitgezochte camping valt tegen. De poort is dicht en de omgeving nodigt ook niet echt uit om er te blijven. Dus rijden we een klein stukje verder en vinden we Onur Camping. Een piepkleine plek direct aan zee met ruimte voor maar een paar campers en caravans.

Nog voordat we goed staan, komt de eigenaar terug van het boodschappen doen. Hij heeft fruit meegenomen. Dat deelt hij meteen uit over de camping. Daar is de Turkse gastvrijheid weer. We hadden in het zuiden soms het gevoel dat mensen iets zakelijker waren dan in het noorden en oosten. Niet zo vreemd, hier komen veel meer toeristen. Maar verdwijnen doet die gastvrijheid gelukkig niet.

Fethiye boven op een oude stad

Op 10 november hangt de Turkse vlag halfstok, het is de sterfdag van Atatürk. Om precies 09.05 uur wordt in heel Turkije stilgestaan bij zijn overlijden. Sirenen klinken, verkeer stopt op veel plekken. Wij horen de sirene ook, alleen denken wij aanvankelijk dat het gewoon een soort maandagochtendsirene is. Weer wat geleerd.

Later bezoeken we de beroemde rotsgraven boven Fethiye. De moderne stad is grotendeels boven op de resten van de oude stad gebouwd. Hoog in de rotswand zijn verschillende monumentale tombes uitgehakt. Van buitenaf kun je ze eigenlijk al uitstekend zien. Toch lopen we naar boven. Vanaf daar kijken we uit over Fethiye en de zee, dat uitzicht alleen is de klim waard. Daarna lunchen we in de stad, ook hier wordt overal alcohol geschonken. Opnieuw een wereld van verschil met Oost Turkije.

Daarna wil Rudolf shoppen, dat gebeurt niet iedere dag. We lopen de bazaar in, veel winkels zijn al dicht omdat het toeristische seizoen bijna voorbij is. Toch slaagt hij al bij het eerste winkeltje. Niet van echt te onderscheiden, dat zeggen ze tenminste.


Naar Kuşadası

Langzaam werken we ons verder langs de Turkse westkust omhoog. Na een langere rit arriveren we bij Antique Lodge Camp nabij Kuşadası. Een nette camping met schoon sanitair en alle voorzieningen. We zijn tevreden.

's Ochtends merken we dat het gras nat is, ook in Fethiye zagen we dat al. Overdag is het nog heerlijk, maar 's nachts begint de herfst nu echt dichterbij te komen. De winter reist langzaam achter ons aan.

DE oude bibliotheek van Efeze in Turkije
Efeze

Tweeduizend jaar terug in Efeze

Vanuit Kuşadası bezoeken we een van de bekendste historische plekken van Turkije. Efeze, ooit leefden hier tienduizenden mensen. De stad ontwikkelde zich tot een van de belangrijkste steden van de Grieks Romeinse wereld. We kiezen voor een ingang aan de hogere kant van het terrein. Ons plan is simpel. Naar beneden lopen en daarna met een taxi terug.


Later blijkt dat helemaal niet nodig, we lopen gewoon dezelfde weg weer omhoog. Onderweg zien we onder andere het Odeon, tempels, straten en verschillende openbare gebouwen. Maar het absolute pronkstuk is de Bibliotheek van Celsus. De monumentale gevel staat nog altijd fier overeind. Zelfs wanneer je inmiddels tientallen antieke steden hebt bezocht, maakt dit indruk. Ook het enorme theater is indrukwekkend, al wordt een deel tijdens ons bezoek gerestaureerd.


Rudolf bezoekt nog een digitale tentoonstelling waar met licht, geluid en projecties wordt uitgebeeld hoe het leven in Efeze ooit geweest moet zijn. Lianne laat die vanwege de vele lichtflitsen aan zich voorbijgaan.

Is Efeze de moeite waard? Absoluut, goedkoop is het niet. Maar dit is een van die plekken die je eigenlijk een keer gezien wilt hebben.


Kroketten die er niet zijn

Na Efeze lunchen we in Kuşadası. Op de menukaart staat ineens bacon, maar ook kroket en frikandel. Na maanden Turkije kijken we bijna verbaasd naar de kaart. Helaas, het is itverkocht. Dus wordt het een omelet en een tonijntoast. Daarna lopen we door de winkeltjes vol echte nepmerken. Een Rolex voor honderd euro. "Real fake," zegt de verkoper er zelf lachend bij. Dat is in ieder geval eerlijk, we kopen niets.

De boulevard ligt er ontspannen bij. Vissersrestaurants langs het water. Een cruiseschip in de haven. We zijn duidelijk terug in het internationale toeristische deel van Turkije.

Camping bij Burhaniye
Camping bij Burhaniye

Een laatste nacht aan het strand

Vanaf Kuşadası rijden we via İzmir verder naar het noorden. Het rijden gaat opvallend gemakkelijk. De wegen zijn beter, de hellingen minder lang. Geen eindeloze klimmen van tien of twintig kilometer zoals we die in het oosten regelmatig hadden. Aan het einde van de dag vinden we bij Burhaniye een plek op de eerste rij aan het zandstrand.

Misty vindt het fantastisch. Zand is sowieso een van haar favoriete ondergronden. We kijken uit over zee. Waarschijnlijk wordt dit een van onze laatste nachten in Turkije tijdens deze reis. Na bijna drie maanden voelt dat vreemd, maar ergens begint Nederland ook weer een beetje te lonken. Of misschien vooral de Lidl.


Drie maanden Turkije

Op 17 november rijden we richting İpsala. De grens met Griekenland. De grensovergang Turkije uit duurt nog geen tien minuten. Bij Griekenland om erin te komen, moeten we iets langer wachten. Een half uur, dat valt ook nog mee en dan is het zover. Turkije ligt achter ons.


We hebben het land maandenlang doorkruist. Van de eerste camping boven Istanbul tot de theevelden bij Rize. Van de grens met Georgië tot de Ararat. Van het Vanmeer tot Mardin. Van de Syrische grens tot Cappadocië. Van de hoogvlaktes tot de Middellandse Zee. Van Fethiye tot Efeze.

Misschien is dat wel wat ons het meest heeft verrast, er bestaat niet één Turkije.


Het land dat ons bleef verrassen

We leerden Turkije kennen als een land van enorme gastvrijheid. Vooral in het noorden en oosten werden we soms bijna verlegen van de aandacht.

  • Thee.

  • Eten.

  • Fruit.

  • Gesprekken.

  • Mensen die zomaar iets met je wilden delen.


We werden zelfs uitgenodigd op een Turkse bruiloft, nota bene op onze eigen trouwdag. We zagen ook hoeveel invloed religie heeft op het dagelijks leven. De oproep vanaf de minaretten hoorde maandenlang bij ons ritme. Of we hem gaan missen? Waarschijnlijk niet.


Atatürk is overal. Op pleinen, aan gevels, op vlaggen, in winkels en op scholen. Zijn aanwezigheid in het moderne Turkije is nauwelijks te missen.

We reden door een land dat verrassend veel zelf produceert. Hazelnoten langs de Zwarte Zee. Thee rond Rize. Katoen rond Diyarbakır en Şanlıurfa. Maar ook appels, aardbeien, watermeloenen, mais, tarwe, aardappelen, suikerbieten, walnoten, kalebassen. Iedere streek lijkt zijn eigen product te hebben.


Niet alles is mooi

We zagen ook kanten van Turkije waar nog veel te verbeteren valt. Afval is daar de meest zichtbare van. Langs wegen, op velden, bij parkeerplaatsen en soms midden in de natuur.


Het verschil tussen binnen en buiten blijft opvallend. Huizen kunnen brandschoon zijn terwijl een paar meter verderop plastic afval langs de weg ligt. Ook sanitair op campings kent verschillende interpretaties van het woord schoonmaken. Een vloer dweilen en de prullenbak legen blijkt niet altijd hetzelfde als daadwerkelijk schoonmaken. Onze schoonmaakdoekjes hebben in Turkije overuren gemaakt.


Verkeer blijft eveneens een belevenis. Bellen achter het stuur lijkt bijna een nationale sport. Een helm op de scooter is optioneel en na drie maanden weten wij nog steeds niet precies wie er op een rotonde voorrang heeft. Misschien weet niemand dat, zelfs de Turken zelf niet.


Het oosten dat we nooit hadden willen missen

Het grootste verschil ontdekten we tussen het westen en het oosten. Langs de zuid en westkust is Turkije toeristischer, commerciëler en moderner. De wegen zijn beter en de hellingen vriendelijker.

Maar als we één deel van deze reis niet hadden willen missen, dan is het Oost Turkije. De omgeving van Trabzon en Rize. De hoogvlaktes.

  • Doğubayazıt.

  • De Ararat.

  • Het Vanmeer.

  • Mardin.

  • Şanlıurfa.


Het Koerdische deel van Turkije voelde rauwer en minder gepolijst. Juist daardoor kwam het misschien nog sterker binnen. We kwamen er nauwelijks buitenlandse toeristen tegen. Wel mensen die nieuwsgierig waren naar wie wij waren en waarom we hier met een Nederlandse auto en caravan rondreden.


Was dit onze laatste keer?

Wanneer de slagboom bij de Griekse grens achter ons dichtgaat, kijken we nog één keer achterom.


Dat was hem dan, Turkije. Een land waarvan we twee jaar eerder nog twijfelden of we er überhaupt met de caravan naartoe durfden. We dachten toen zelfs dat er misschien niet zoveel te zien zou zijn. Daar kunnen we nu alleen maar om lachen. We hebben bergen gezien, zeeën, theevelden, ruïnes, moskeeën, kerken, ondergrondse steden, woestijnachtige vlaktes, sprookjesschoorstenen, luchtballonnen, zoutmeren en ook ontzettend veel mensen ontmoet.

Het was een geweldige reis. Een bijzondere reis en vooral een reis die uitnodigt tot meer. Misschien keren we ooit terug. Of rijden we de volgende keer gewoon verder. Irak? Iran? Wie weet.


Voor nu draaien we de combinatie richting Griekenland. Langzaam terug naar Nederland. Maar eerst nog een paar weken onderweg, want haast hebben we nog steeds niet.



Opmerkingen


Maak kennis met 2Live Onderweg

Wij zijn Lianne en Rudolf, reizigers die samen met onze hond Misty sinds december 2022 Europa ontdekken. Eerst met een caravan en nu met camper. Na het verkopen van ons huis en opzeggen van onze banen hebben we de vrijheid om onze droom na te jagen. Met 2Live Onderweg laten we zien hoe je de vrijheid van slow travel zelf kunt beleven. Op onze website en social media delen we tips, prachtige campings en verhalen die je inspireren om je eigen route te kiezen. Of je nu op zoek bent naar de rust van de natuur, de perfecte kampeerplek, of praktische ideeën. Sluit je aan bij onze reis en ontdek hoe ook jij jouw droom van reizen en avontuur kunt waarmaken.

Caravan2live - Lianne & Rudolf
Volg ons
  • LinkedIn 2Live Onderweg
  • instagram 2Live Onderweg
  • Facebook 2Live Onderweg
  • YouTube 2Live Onderweg

©2026 made by Studio Rudolf @ 2Live Onderweg - Rudolf Schreuder

bottom of page